zondag, oktober 22, 2006

97. Gevolgen van een falend familierecht: Mama’s nieuwe vriend ("het stiefrisico")

Het stiefrisico

Door toedoen van de dagelijkse tredmolen van een falend familierecht (wetgeving, rechtbanken, kinderbescherming, jeugdzorg), dat achter de gesloten deuren van rechtbanken - met de automatische piloot op oneindig zoals in Charlie Chaplin's niet te stuiten sorteermachine uit Modern Times - dagelijks ruim 160 scheidingskinderen bij een van de ouders plaatst (meestal de moeder) en de andere ouder (meestal de vader, soms ook moeders) vervolgens buitensluit met een niet-gehandhaafde omgangsregeling van een weekeinde in de 14 dagen, wordt in Nederland de helft van de scheidingskinderen (ruim 80 kinderen per dag) van de ene dag op de andere geheel buitengesloten van de helft van hun familie.

In Nederland groeien hierdoor nu inmiddels ruim 550.000 scheidingskinderen op in eenzaamheid en isolement, buitengesloten van de helft van hun familie. Het wordt stil om hun heen. Totdat het misgaat. Ellen de Visser bericht in de Volkskrant over de risico's en gevolgen voor scheidingskinderen van een falend familierecht dat uitsluitend gericht is op buitensluiten en kaalslag i.p.v. verbinden en betrekken. In dit geval het zgn. "stiefrisico": De nieuwe vriend van moeder mishandeld de kinderen, terwijl vader en zijn kant van de familie door het familierecht bij de kinderen worden weggehouden.

Charlie Chaplin - Modern Times - Trailer (1935)

(Druk op de knop in de foto voor het afspelen van de video)

Peter Tromp
Vader Kennis Centrum (VKC)

Mama’s nieuwe vriend

De Volkskrant; Achtergrond/kindermishandeling; Door Ellen de Visser; Zaterdag 21 oktober.2006

“Hemeltergende machteloosheid dat is wat veel gescheiden vaders voelen als ze twijfels hebben over de manier waarop de nieuwe vriend van hun ex zich gedraagt ten opzichte van de kinderen. Bestaat er zoiets als een ‘stiefrisico’?. Vaders worden als opvoeder gewoon niet serieus genomen.’

Op zaterdag 30 juli 2005 schrijft Kinty Rongen een brief aan zijn ex-vriendin waarin hij haar waarschuwt voor haar nieuwe vriend Avi. Navraag in de buurt heeft hem verontrustende informatie opgeleverd over de oud-militair uit Israël: hij gebruikt drugs en kan vreselijk agressief zijn. Rongen vreest voor het welzijn van zijn twee kinderen. De buurvrouw van het stel heeft hem verteld dat er vaak wordt geschreeuwd, dat de politie regelmatig langskomt, dat zijn 4-jarige dochtertje laatst voor straf in de regen op het balkon moest staan.

Maandagmiddag 1 augustus hoort Kinty 's middags op de televisie dat in Tolbert twee jonge kinderen zijn vermoord. Hij belt naar de politie, vraagt of die twee kinderen toevallig Damaris en Daniël heten. Hij moet meteen komen. Als hij aankomt bij de woning in Tolbert zijn politie-agenten bezig in de gang; waar de bloederige sleepsporen hem alle hoop ontnemen. Damaris (4) en Daniël (2) blijken gruwelijk afgeslacht.

Als hij twee dagen later terugkeert naar het huis, 'om te voelen wat daar moet zijn gebeurd'; vindt hij in de brievenbus zijn eigen brief. Hij was de postcode vergeten, zijn waarschuwing kwam een dag te laat.

Hij betwijfelt of het veel zou hebben uitgemaakt. 'Meneer, u heeft het allemaal voorspeld', zegt de buurvrouw hem na het drama, huilend. Maar bij Bureau Jeugdzorg en het Advies- en

Meldpunt Kindermishandeling (AMK) waren zijn voorspellingen niet overgekomen. Op het laatst had hij medewerkers bedreigd, hij geeft het maar eerlijk toe. Hij was er bijna met de auto naar binnen gereden, de toegang tot het gebouw was hem zelfs al ontzegd. Zijn meldingen bleken niet urgent genoeg.

Zijn slechte naam zal vast van invloed zijn geweest. Hij bracht zijn jeugd door in kindertehuizen, hij was alcoholist, zat in de gevangenis. Zelf zegt hij: 'Ik mag dan mijn streken hebben, maar ik ben een goede vader.' En zo staat het er ook in een rapport van de Kinderbescherming uit 2003: Hij is 'te goeder trouw, zal de kinderen geen haar krenken" is zijn emoties echter niet goed de baas.'

Afwerende reacties

Maar bij de afwerende reacties op zijn bezorgdheid speelt vooral een ander, ongrijpbaar verschijnsel een rol, beseft hij: het primaat van het moederschap. Welke instantie hij ook belde, steeds kreeg hij te horen dat hij vast zijn scheiding niet had verwerkt, dat al het gedoe niet in het belang van de kinderen was, dat hij rustig moest afwachten.

Een vader, die in verband met nog lopende procedures anoniem wil blijven, zegt het zo: 'Als gescheiden vader moet je met angst in je hart toekijken wie je ex in huis haalt. Stel dat je kinderen worden overgeleverd aan een pedofiel of aan een agressieveling. Je kunt er niets tegen beginnen.'

In de woonkamer van zijn Groningse nieuwbouwhuis zit Kinty Rongen verloren op de leren bank te midden van dozen vol herinneringen: honderden foto's, kopieën van alle kaartjes die hij zijn kinderen ooit stuurde, de pamfletten die hij ophing om ze te vinden, de dossiers van de Kinderbescherming, een tas vol condoleancekaartjes. 'Je moet weten dat ik tegen dit gesprek heb opgezien', zegt hij. 'Mijn hele dag is nu kapot, dat moet je begrijpen. Maar ik doe dit voor andere vaders. Misschien dat mijn verhaal iets verandert.'

Advocaat Peter Prinsen, die jarenlang de zaken behartigde van gescheiden vaders, spreekt over 'hemeltergende machteloosheid'. Vaders die bezorgd zijn over de nieuwe vriend van hun ex worden steevast verdacht van bijbedoelingen, zegt hij stellig. 'Het zal wel niet zo'n vaart lopen, zeggen instanties dan, vader zal moeder wel in een kwaad daglicht willen stellen.' Vaders, zegt Prinsen, worden als opvoeder gewoon niet serieus genomen. 'Natuurlijk gaan ze dan soms door het lint. Het zit toch in je genen dat je zulke heftige gevoelens krijgt als je merkt dat het slecht gaat met je kind?'

Het allerergste is nog, zegt hij, dat als het fout gaat Jeugdzorg er altijd weer miljoenen bij krijgt om wachtlijsten weg te werken of zo. 'Laten ze gewoon eens wat beter naar vaders luisteren.' Echt fout gaat het een, soms twee keer per jaar. Acht kinderen werden, voor zover bekend, de afgelopen zes jaar (mede) door hun stiefvader omgebracht. Onder hen Rowena Rikkers (augustus 2001) en Savanna (september 2004). Hoe vaak stiefkinderen worden mishandeld, is onduidelijk. Psycholoog Toon Verheugt, die onderzoek doet naar kinderdoding, kan alleen maar zeggen dat mannen eerder geneigd zijn stiefkinderen te mishandelen. Vrouwen doen dat vooral met hun eigen kinderen.

Door onderzoekers wordt de positie van stiefkind vaak als risicofactor voor mishandeling en seksueel misbruik genoemd. Het is een taboe-onderwerp, beseft psycholoog Martine Delfos, vanwege al die stiefouders die wel enorm hun best doen. Maar 35 jaar ervaring heeft haar geleerd dat aan stiefouderschap specifieke gevaren kleven en dat die onder ogen moeten worden gezien. Daarom durfde ze het aan om in haar boek Weekendvaders/Wie kent vaders?, dat binnenkort verschijnt bij uitgeverij SWP, een hoofdstuk op te nemen over 'het stiefrisico' .

Dat risico heeft vooral te maken met de niet vanzelfsprekende relatie tussen kind en stiefouder, zegt ze. 'Een biologisch eigen kind voelt altijd nabijer. Een stiefrelatie, daar ligt een bom onder. Stiefouders kunnen hun nieuwe partner niet aan zich binden als ze de kinderen niet accepteren en de kinderen moeten het met hen doen als ze de relatie met hun eigen ouder willen behouden. Na zeven jaar brengt de stiefouder het hooguit tot intieme vreemde.

Biologische vader

De stiefvader heeft vaak als bijkomend probleem dat zijn autoriteit slecht wordt geaccepteerd, aldus Delfos. Hij ziet de biologische vader soms als een bedreiging van zijn relatie en kan jaloers zijn op de band die zijn vrouw ooit met die man had. 'Stiefouders kunnen soms niet of nauwelijks de kinderen uit een vorige relatie verdragen', schrijft Delfos.

Niet altijd hoeft de stiefvader de dader te zijn, onderstreept psycholoog Cees Hoefnagels. In een stiefgezin is de cohesie gemiddeld minder dan in een biologisch gezin en dat gebrek aan stabiliteit maakt kinderen vatbaarder voor gevaren, zegt hij. Ook de voorgeschiedenis van de. kinderen, die een scheiding achter de rug hebben, speelt een rol: ze zijn aandacht tekort gekomen, ze kunnen moeilijker hanteerbaar zijn.

'Er is iets heel ergs met me gebeurd maar ik mag niets aan jou vertellen, want dan komt mijn moeder in de gevangenis. ' Steeds als Rob zijn dochtertje ziet, eens in de zoveel tijd, komt ze met hetzelfde vreselijke verhaal. Het meisje heeft last van ernstige constipatie, de huisarts vermoedt misbruik.

Op school ontstaan gedragsproblemen. 'Jij had beloofd te helpen maar jij doet niks', zegt ze. 'Papa's kunnen niet helpen hè?'

Zijn relaas is opgetekend in Gemist Vaderschap van pedagoog Joep Zander, een boek over 'de penibele positie van het vaderschap'. 'Vaderschap is een onvoorwaardelijke opvoedingsrelatie tussen een vader en een kind', zegt Zander. 'Stiefvaderschap doorbreekt dat dikwijls en ongelukken zijn het gevolg.'

Twaa1f meldingen doet Rob bij het Meldpunt Kindermishandeling. Ook de buurvrouw belt, en de kroegbaas die het kind 's avonds laat in zijn café ziet rondscharrelen. Maar wat de vader ook onderneemt om zijn kind weg te krijgen bij zijn ex en haar nieuwe vriend, het haalt niets uit en werkt zelfs contraproductief. 'U moet leren met de moeder op te schieten', zeggen de instanties hem. 'Ze schilderen je af als een of andere engerd die een gelukkig kind bij de moeder zou proberen weg te kapen.'

Bij gescheiden vader Harald duurt het veel langer voordat hij de problemen in zicht krijgt omdat de kinderen jaren hun mond houden. Totdat hij deze zomer ontdekt dat het jongste kind extreem is afgevallen en nauwelijks nog eet. 'Het begon al te kokhalzen zodra we de ontbijttafel dekten en leefde de hele dag op twee hapjes brood en een lepel tomatensoep.'

Hoge woord

Op een avond komt het hoge woord eruit: mama's nieuwe vriend slaat, schopt, en straft op wrede wijze en mama staat erbij en doet niets. Die avond schrijven ze allebei een brief aan de rechtbank over wat er bij hen thuis voorvalt: 'Beste rechter, ik wil u vragen of dit kan ophouden.' Vader Harald zoekt voor de jongste psychische hulp.

De psycholoog van de crisisdienst noteert dat sprake is van een 'futloos en somber' kind dat nauwelijks antwoord op vragen kan geven. Hij adviseert de Kinderbescherming onderzoek te laten doen en het in een veilige omgeving te plaatsen zodat snel met hulpverlening kan worden begonnen. e

Maar het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling reageert. 'U moet niet zo emotioneel zijn', krijgt hij te horen. 'U voert een ouderlijke strijd, daar worden uw kinderen de dupe van.' Tijdens de rechtszaak over de omgangsregeling wordt zijn bezorgdheid van tafel geveegd. Moeder zegt dat hij de kinderen manipuleert, zo blijkt uit de stukken, de rechter vraagt waarom hij geen aangifte heeft gedaan.

Aangifte is zinloos, zegt de politie, zijn verhaal kan hooguit als melding worden opgeslagen. De politiebeambte noteert: 'De aangifte zal hoogstwaarschijnlijk niet leiden tot een veroordeling, omdat er in deze geen bewijs is en de verdachten hoogstwaarschijnlijk zullen ontkennen.' Pas na aandringen van zijn advocaat, kan hij alsnog op het bureau terecht. De twee kinderen worden apart gehoord. De rechercheur constateert dat hun verhalen sterk met elkaar overeen komen.

De kinderen vertellen dat ze na de aangifte helemaal niet meer naar huis durven, omdat ze bang zijn voor straf.

Zonder dat hun vader het weet, bellen ze samen met de buurvrouw alle instanties af die ze kunnen bedenken. 'Ik stond er huilend bij', zegt die. 'Niemand kon of wilde wat voor ze doen.'

De rechtbank bepaalt dat de kinderen terug moeten.

Nu de politie het AMK heeft ingelicht, heeft Jeugdzorg alsnog besloten onderzoek te gaan doen. Hoewel dat nog enige tijd kan gaan duren, is vader Harald toch voorzichtig met informatie.

Foto's, brieven, namen, alles mocht aanvankelijk in de krant maar inmiddels is zijn ex op de hoogte van zijn acties en vreest hij voor het welzijn van zijn kinderen.

'Als mama niet meer boos is gaan we wel wat leuks voor jou kopen'

Bij hem. thuis hangt op de kastdeur een groot papier met huisregels: 'Ik mag mijn mening geven. Ik hoef niet bang te zijn. Ik hoef niet te huilen als er niets is.' De laatste keer dat hij de kinderen zag, vond hij ze apathisch. Hij vermoedt dat ze veel voor hem achterhouden. Ik heb er slapeloze nachten van.' Dat de strijd van een vader soms tot succes kan leiden, bewijst het verhaal van Rob, die zijn dochter sinds kort bij zich heeft wonen. 'Ik heb haar voor de poorten van de hel 'weggesleept', zegt hij. Het boek waarin hij figureerde heeft volgens hem beslist een rol gespeeld. Auteur Joep Zander zegt dat alle vestigingen van de Kinderbescherming een exemplaar hebben aangeschaft. Niet dat hij veel fiducie heeft in het leereffect: 'De Kinderbescherming ziet fouten moeilijk onder ogen.'

Rob zegt dat pas na publicatie van zijn verhaal naar hem werd geluisterd. De gezinsvoogd erkent nu de problemen bij moeder thuis. Omdat hij nog altijd vreest voor tegenwerking wil ook hij zijn naam veranderd zien. Straks, als alles rustiger is, wil hij bekijken hoe hij de Kinderbescherming en het AMK kan aanpakken.

Die weg van de genoegdoening gaan meer vaders, met dit verschil dat hun kinderen niet meer leven. Martin Huisman, de vader van Rowena Rikkers, deed aangifte tegen medewerkers van de Kinderbescherming, toen hij na de moord op zijn oudste dochter moest vechten om het gezag over zijn jongste. Chiel Grishaver klaagde vijftien jaar na de dood van zijn 3-jarige dochter Anoeska de artsen en politieagenten aan die volgens hem moeten hebben geweten van de stelselmatige mishandelingen d!e zij moest ondergaan. Anoeska werd uiteindelijk gedood door haar stiefvader en begraven onder de Euromast.

Kinty Rongen heeft een schadeclaim ingediend tegen de man die zijn kinderen ombracht en wil ook 'Jeugdzorg aansprakelijk stellen. De Inspectie Jeugdzorg schreef twee maanden na het drama dat er fouten zijn gemaakt. Maar, constateert de inspectie: Bureau Jeugdzorg heeft 'in zijn evaluatie van deze casus al aan aantal verbeterde voornemens geformuleerd'.

Rongen gelooft niet meer in gerechtigheid: 'Ik heb zoveel moeite voor mijn kinderen gedaan maar ik heb gewoon verloren.'

Bezoekregeling

In zijn nek heeft hij hun namen laten tatoeëren: links Damaris, rechts Daniël. Anderhalf jaar voor hun dood heeft hij ze voor het laatst gezien, omdat hun moeder de bezoekregeling blokkeerde. De vele tientallen kaartjes die hij ze stuurde, getuigen van de groeiende wanhoop over die gedwongen scheiding. Op de verjaardagskaart voor Daniël: 'Lieve jongen, als alles weer rustig is en mama niet meer boos is, gaan we wel wat moois voor jou kopen.'

Tijdens de rechtszaak moest hij aanhoren dat zijn zoontje getuige is geweest van de moord op zijn zusje. Hij vluchtte in paniek naar de badkamer, maar kreeg de deur niet op slot. 'Dat jochie moet zo veel angst hebben gehad.'

Die beelden probeert hij weg te duwen., 'Ik leef onder de oppervlakte, anders word ik gek.' Hij was begonnen een studie psychologie, maar de boeken heeft hij opgeruimd, 'Ik ben nu psycholoog uit ervaring.' Als hij door Groningen loopt, krijgt hij gevraagd en ongevraagd advies over hoe hij de draad weer kan oppakken. Maar hij zegt: 'Wie wil mij nu nog wat vertellen in het leven?'

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen