zaterdag, november 20, 2010

360a. Casus 1 - Aangifte Onttrekking (WvS, Art. 279) bij politie en OM in de praktijk

Casus 1 - Aangifte- en vervolgingsbeleid naar geslacht bij het misdrijf 'onttrekking aan ouderlijk gezag' - Over gender racisme en discriminatie naar geslacht door politie en OM


Inleiding

'Onttrekking' (Wetboek van Strafrecht, Artikel 279) is het weghouden van de kinderen bij een andere ouder met gezamenlijk gezag in strijd met de door de familierechter bij de scheiding beschikte regeling voor de verdeling van de zorg- en opvoedtaken. Het is een zwaar misdrijf dat als volgt omschreven staat in het Wetboek van Strafrecht:
Artikel 279: Misdrijf van onttrekking aan het ouderlijk gezag
Wetboek van Strafrecht, Tweede Boek. Misdrijven, Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid, Artikel 279: Onttrekking

1.Hij die opzettelijk een minderjarige onttrekt aan het wettig over hem gesteld gezag of aan het opzicht van degene die dit desbevoegd over hem uitoefent, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vierde categorie.

2.Gevangenisstraf van ten hoogste negen jaren of geldboete van de vijfde categorie wordt opgelegd indien list, geweld of bedreiging met geweld is gebezigd, of indien de minderjarige beneden de twaalf jaren oud is.
Discriminatie naar geslacht door politie, OM en rechterlijke macht
Het is echter ook een misdrijf waarbij structureel gender racisme en discriminatie naar geslacht bij (a) het aangiftebeleid van de politie, (b) het vervolgingsbeleid van het openbaar ministerie en (c) het veroordelingsbeleid van de rechterlijke macht in Nederland hoogtij vieren op een wijze die aan elke geloofwaardigheid van de Nederlandse rechtstaat inmiddels een einde heeft gemaakt.

Wanneer een moeder (vrouw) aangifte van onttrekking doet tegen een vader (man), dan is een enkel telefoontje van moeder naar de politie voldoende om:
1. landelijk onmiddelijk het hele Nederlandse politiekorps met gillende sirenes uit te laten rukken zonder dat zelfs nog maar een proces-verbaal door de politie werd opgemaakt,
2. pers, media en burgerij landelijk in rep en roer te brengen met zgn. Amber Alerts,
3. het OM vervolgens bij de vervolging tegen de vader als dader, onder het motief dat het een repeterend misdrijf zou zijn, bij herhaling (ja u leest dat goed) de hoogste straf van 6 tot 9 jaar gevangenis te laten eisen,
4. het OM achteraf als verrader te laten optreden door elke gesloten overeenkomst of afspraak willens en wetens gemaakt met de vader waarbij alsnog de kinderen terug geleid kunnen worden achteraf met voeten te treden en niet na te komen,
5. de strafrechter te bewegen de maximale straf van 6 tot 9 jaar bij herhaling op te leggen aan de vader als dader (ja u leest dat weer goed).

Want dat is "in a nutshell" de karakteristiek van het Nederlandse aangifte-, vervolgings- en veroordelingsbeleid door politie, OM en rechterlijke macht in onderlinge collusie wanneer door een moeder tegen een vader telefonisch aangifte wordt gedaan.

Wanneer echter een vader tegen een moeder van hetzelfde misdrijf aangifte doet bij de politie, dan gebeurt er niets, maar dan ook helemaal niets, van dat al:
1. De politie wil de aangifte eerst niet opnemen en stuurt vader weg, weigert vervolgens de aangifte deugdelijk te onderzoeken en/of moeder als dader te horen, en/of maakt zich er met een 'Jantje van Leien' vanaf (moeder ontkent of spreekt dat tegen meneer),
2. Het OM wil de aangifte daaropvolgend niet vervolgen en seponeert, liefst pas na 6 maanden tot een jaar, en op absurde gronden, zonder rekenschap af te leggen,
3. De rechterlijke macht traineert het in procedure nemen van een zaak en weigert een straf op te leggen of legt een symbolische straf op van enkele uurtjes taakstraf die niet uitgevoerd word.

Deze structurele discriminatie naar geslacht door politie, justitie en rechterlijke macht bij de afhandeling van het misdrijf van onttrekking (art. 279) heeft inmiddels zo'n stuitende omvang aangenomen dat het Vaderkenniscentrum.nl de komende periode een aantal casussen waaruit dat blijkt gaat publiceren om deze aan u voor te kunnen leggen.

Het extreme aangifte-, vervolgings-, en veroordelingsbeleid wanneer moeders aangifte tegen vader doen mag bij u inmiddels bekend verondersteld worden, o.m. uit het langsvliegende Amber Alert-circus.

Hieronder kunt u lezen hoe het daarentegen bij politie en OM toegaat, wanneer een vader aangifte van onttreking aan het ouderlijk gezag door de moeder doet/wil doen.

Peter Tromp
Vaderkenniscentrum.nl


Casus 1: Een vader doet aangifte van het misdrijf van onttrekking door een moeder



Inhoudsopgave:
A. Proces-verbaal aangifte onttrekking (WvS, Art. 279)
B. Informatie uit Politieregisters
C. Sepot Politie Gelderland-Zuid
D. Beklagbrief vader aan Openbaar Ministerie inzake sepot
E. Antwoord van het OM op de beklagbrief vader aan Openbaar Ministerie inzake sepot

A. PROCES – VERBAAL AANGIFTE VAN ONTTREKKING (WVS, ART. 279)

Aangifte

Plaats delict : [plaats delict]
HKS object : Woning, [omschrijving woning]
Pleegdatum : Op [datum voorjaar] 2010 te [tijdstip]
Verbalisant : [verbalisant]

Ik, verbalisant, [verbalisant], verklaar het volgende:

Op [datum voorjaar] 2010 te [tijdstip], verscheen voor mij, in het politiebureau, [adres] te [plaats], een persoon die mij opgaf te zijn:

Achternaam : [achternaam]
Voornamen : [voornamen]
Geboren : [geboortedatum]
Geboorteplaats/land : [geboorteplaats] in Nederland
Geslacht : man
Burger service nummer  : [BSN]
Nationaliteit : Nederlandse
GBA-nummer : [GBA]

Hij deed aangifte terzake overige misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid en verklaarde het volgende:

“Op [datum voorjaar] 2010 te [tijdstip] werd op de [plaats delict], het in de aanhef vermelde feit gepleegd.

Ik doe aangifte van onttrekking van het ouderlijk gezag van mijn kinderen. Dit feit is gepleegd op [datum voorjaar] 2010 omstreeks [tijdstip] op bovengenoemde locatie.

Met betrekking tot het onttrekken van het ouderlijk gezag kan ik u het volgende verklaren:

Ik lig momenteel in scheiding met mijn vrouw. Wij hebben samen [aantal] kinderen. [namen en leeftijden van de kinderen]. Mijn vrouw heet [vrouw], geboren [geboortedatum] te [geboorteplaats], wonende [plaats delict].

Op [datum voorjaar] 2010 heeft mijn vrouw een verzoekschrift tot echtscheiding ingediend bij de rechtbank [locatie]. Ik heb op [datum voorjaar 2010] een verweerschrift ingediend bij de rechtbank te [locatie].

Omtrent het ouderlijk gezag van de kinderen heeft de rechtbank te [locatie] een beschikking opgesteld op [datum]. In de beschikking staat vastgesteld onder [vindplaats in de beschikking] dat ik de kinderen op de volgende tijdstippen mag zien:
-in de oneven weken van [tijdstip op vaste namiddag in de week] tot [tijdstip op vaste vooravond in de week twee dagen later]
-in de even weken op [vaste ochtend in de week] van [tijdstip] tot [tijdstip]
-daarnaast mag ik op [vaste dag in de week] met [naam kind 1] naar [activiteit]. En op [twee vaste avonden in de week] met [naam kind 2] naar [activiteit].

Afgelopen [datum voorjaar 2010] was ik om [tijdstip] precies op het adres [plaats delict]. Daar deed mijn vrouw de deur open en zij vertelde mij meteen dat ik de kinderen die dag niet mee zou krijgen. Zij gaf mij daarbij geen reden op.

Ik heb toen de telefoon gepakt om de politie te bellen. Mijn vrouw zei toen tegen mij: “ja, bel de politie maar”. Vervolgens heeft zij de deur dicht gedaan. De politie is volgens mij toen bij mijn vrouw langs geweest. Toen heeft zij aangegeven dat zij de kinderen niet meer aan mij mee wil geven.

Ik heb dus uiteindelijk mijn kinderen wederom niet meegekregen. Mijn vrouw heeft zich dus niet gehouden aan de uitspraak van de rechtbank. Dit is niet de eerste keer dat zij dit doet, ik heb hier vorige week [datum voorjaar] 2010 ook al aangifte van gedaan. De politie heeft toen ook al met haar gesproken, zij had toen aangegeven dat zij de kinderen in de toekomst wel weer aan mij mee wil geven.

Ik kan u vertellen dat ik afgelopen [datum voorjaar 2010] [naam kind 2] opgehaald heb om naar [activiteit] te gaan. Ik heb [naam kind 2] toen gewoon meegekregen. Mogelijk dat dit gekomen is doordat de politie met haar heeft gesproken.

Aan niemand werd het recht of toestemming gegeven tot het plegen van het feit.

Terug naar inhoudsopgave

B. INFORMATIE UIT POLITIEREGISTERS

[datum voorjaar]-2010 nr. [meldingsnummer]
[man] belde om te vertellen dat de kinderen van hem door zijn ex niet werden meegegeven voor de bezoekregeling van vandaag [datum voorjaar 2010] van [tijdstip] tot [tijdstip]. Zonder opgaaf van reden. Zij opende wel de voordeur voor hem maar zei hem dat hij de kinderen niet mee kreeg. [man] heeft kinderen niet gehoord of gezien. Hij voorziet problemen voor de rest van de week, hij heeft elke dag een bezoekregeling om kinderen te zien. Heb uitgebreid gesproken met hem en hem verteld dit alles vast te leggen. Heb haar geprobeerd te bellen maar zij was constant in gesprek. [man] is zeer teleurgesteld in het optreden van de politie en eist dat politie haar tot de orde roept. Collega’s zijn vervolgens bij haar langs gegaan. Zij zegt te weigeren de kinderen mee te geven en weet dat zij volledig ingaat tegen het rechtelijk bevel van de bezoekregeling. Zij zegt dat hij de kinderen mishandelt en dat hij ze mee neemt naar het buitenland en dat wil ze niet hebben.

Terug naar inhoudsopgave

C. SEPOT-BRIEF POLITIE GELDERLAND-ZUID [DISTRICTSVERMELDING]

Ons kenmerk : [PV-nummer]
Telefoon : [telefoonnummer]
Datum : [datum najaar] 2010
Betreft : Afloopbericht

Geachte heer [man],

Naar aanleiding van de aangifte die door of namens u gedaan is onder bovengenoemd kenmerk, deel ik u het volgende mede.

Wij hebben uw aangifte nader bekeken. Daarbij bleek dat het juridisch gezien hier niet gaat om een strafrechtelijk feit. De politie doet alleen onderzoek naar strafrechtelijke feiten en daarom kunnen wij in dit geval geen onderzoek instellen. De aangifte blijft wel in onze administratie geregistreerd.

Mocht u het niet eens zijn met deze beslissing dan kunt u binnen 6 weken na ontvangst van deze brief, schriftelijk en gemotiveerd uw beklag doen bij het Openbaar Ministerie, adres:
            Arrondissementsparket [locatie en adres]
Als u daarbij een kopie meestuurt van deze brief, bevordert dit een snelle afhandeling

Heeft u naar aanleiding van deze brief nog vragen of heeft u aanvullende informatie, dan kunt u op werkdagen tussen 08.30 uur en 16.30 uur, contact opnemen met het Centraal Informatiepunt Slachtoffers te [locatie], telefoonnummer: [telefoonnummer].
Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben ingelicht.

De districtschef
Namens deze,
Districtsadministratie [Districtsvermelding]

Terug naar inhoudsopgave

D. BEKLAGBRIEF VADER BIJ OPENBAAR MINISTERIE INZAKE SEPOT

Aan: Openbaar Ministerie, Arrondissementsparket [locatie en adres]
Betreft: beklag over brieven Politie Gelderland-Zuid
Datum: [datum van indiening binnen de daarvoor gestelde termijn van 6 weken]

Geachte heer/mevrouw,

Met grote verbazing heb ik kennis genomen van de brieven van het bedrijfsbureau van Politie Gelderland-Zuid, [districtsvermelding] van [datum najaar] 2010, kenmerk [kenmerk] en kenmerk [kenmerk]. De brieven zijn bijgevoegd bij deze brief.

In de brieven wordt gemeld dat de aangiften die ik heb gedaan met betrekking tot onttrekking van het ouderlijk gezag, artikel 279 Sr, niet zou gaan om een strafbaar feit. Dit bevreemd mij zeer. Mogelijk dat u een ander Wetboek van Strafrecht hanteert dan in Nederland gehanteerd wordt. Graag zou ik dan van die versie een afschrift willen ontvangen. Ik ga er echter van uit dat u hetzelfde Wetboek van Strafrecht hanteert. In dat geval dient u zich, net zoals ik en iedere andere Nederlandse rechtspersoon, te houden aan de wettelijke regels.

Ik ben het niet eens met de door de Politie Gelderland-Zuid opgestelde brieven. Buiten dat in de brieven iedere vorm van argumentatie ontbreekt, wordt met deze beslissing de wet volledig naast zich neergelegd. Alvorens in te gaan op de redenen waarom ik het niet eens ben, eerst wat achtergrondinformatie zodat u een volledig beeld krijgt van wat er zich afspeelt.

Elk kind heeft het recht bij zijn ouders op te groeien en om met beide ouders contact te houden wanneer het van een of van beiden gescheiden leeft, tenzij dit in strijd is met het belang van het kind. Dit is vastgelegd in het VN Verdrag inzake de Rechten van het Kind, welk geratificeerd is door Nederland. Mede op grond van dit verdrag is in maart 2009 een wetswijziging “Voortgezet ouderschap en zorgvuldige echtscheiding” doorgevoerd.

Helaas verlopen niet alle echtscheidingen even vlekkeloos. In een aantal gevallen ontvouwt zich een hevige strijd tussen beide ouders. In een aantal andere gevallen wordt de strijd gevoerd door één van de ouders. Dit laatste is bij mij het geval. En daar waar kinderen in het spel zijn, zijn de kinderen vaak de dupe van de strijd die gevoerd wordt.

In mijn geval begon de moeder van mijn kinderen vrijwel direct na de beslissing van de rechtbank te [locatie] omtrent de omgangsregeling, zoals opgesteld in de beschikking van [datum najaar] 2009, de omgangsregeling te frustreren. De kinderen werd het recht op omgang met hun vader ontnomen. Verschillende malen is getracht met tussenkomst van mijn advocaat en de politie de omgangsregeling weer op gang te brengen, echter de problemen hielden aan.

Ik heb uiteindelijk op [datum voorjaar] 2010 en op [datum voorjaar] 2010 aangifte gedaan van onttrekking van de ouderlijke macht op grond van artikel 279 Wetboek van Strafrecht.

Dit artikel wordt veelvuldig toegepast in gevallen waarin, laten we maar man en paard noemen, vaders hun kinderen niet terugbrengen naar hun moeder bij wie de kinderen hun hoofdverblijf hebben. In dat geval worden vaders, veelal hardhandig, aangepakt in het bijzijn van hun kinderen en worden de kinderen teruggebracht naar de moeder. Indien aangifte wordt gedaan door de moeder van onttrekking van de ouderlijke macht wordt een strafrechterlijk onderzoek ingesteld en wordt de vader strafrechterlijk vervolgd.

In het geval dat de moeder bij wie de kinderen hun hoofdverblijf hebben weigert om de kinderen mee te geven aan de vader, wordt er door politie en justitie plotseling anders gehandeld. In dat geval wordt er niet opgetreden tegen de moeder. Dit is ook bij mij het geval geweest. De politie handelt daarmee in strijd met artikel 2 van de Politiewet 1993, waarin staat: "De politie heeft tot taak in ondergeschiktheid aan het bevoegde gezag en in overeenstemming met de geldende rechtsregels te zorgen voor de daadwerkelijke handhaving van de rechtsorde en het verlenen van hulp aan hen die deze behoeven". Het gevolg van het handelen van de politie is dat de kinderen het recht op zorg en omgang met de vader wordt ontnomen.

Er is bovendien sprake van ongelijke behandeling in het optreden van de politie. Dit is in strijd met artikel 1 van het Burgerlijk Wetboek.

Voor vaders zijn er in dat geval twee mogelijkheden om er voor te zorgen dat de kinderen toch zorg en omgang kunnen krijgen met de vader. Vader kan een civielrechtelijke procedure starten of kan trachten de moeder strafrechtelijk te laten vervolgen. In mijn geval heb ik beide gedaan.

Ik heb een kort geding aangespannen bij de rechtbank te [locatie] om er voor te zorgen dat de beschikking van [datum najaar] 2009, zoals is vastgesteld door de rechtbank te [locatie], wordt nageleefd. De rechter heeft daarbij geoordeeld dat al mijn verzoeken, waaronder het verzoek om een dwangsom voor iedere dag dat de omgangsregeling niet wordt nageleefd, werden afgewezen. Met andere woorden: via een civielrechtelijke procedure is het niet mogelijk gebleken het recht op zorg en omgang met vader af te dwingen. Ook hier is sprake van een ongelijke behandeling. De beslissing van de rechtbank heeft er overigens voor gezorgd dat mijn kinderen vervolgens gedurende 4,5 maand geen enkel contact meer hebben gehad met hun vader, maar dit terzijde.

Dan de strafrechtelijke procedure. Bij het doen van aangifte van onttrekking van de ouderlijke macht stuitte ik op verzet bij de politie. Dit terwijl ieder burger gerechtigd is om aangifte te doen van een strafbaar feit (art. 161 Wetboek van Strafvordering) en de politie verplicht is de aangifte op te nemen (art. 163 Wetboek van Strafvordering, lid 5). Als burger, of in ieder geval als vader, moet je op je strepen gaan staan om dit voor elkaar te krijgen. Het heeft me dan ook 5 weken gekost om de aangifte die ik heb gedaan op [datum voorjaar] 2010 ([PV nummer]) uiteindelijk opgenomen te krijgen. Wel vreemd, aangezien de moeder van mijn kinderen het wel eenvoudig voor elkaar heeft gekregen om een valse aangifte te doen van stalking door mij. Ook dit doet vermoeden dat er sprake is van een ongelijke behandeling.

Moeders zijn zich terdege bewust van de rechtsongelijkheid die zowel door justitie als politie wordt gebezigd. Zij zijn zich bewust dat de ouder bij wie de kinderen hun hoofdverblijf hebben, de macht hebben om te kunnen bepalen wanneer de kinderen de andere ouder mag zien. Zij zijn zich bewust dat de politie niet optreedt tegen dit handelen. Zij zijn zich bewust dat de rechter in hun voordeel zal uitspreken. Zij zijn zich bewust dat de officier van justitie niet tot strafvervolging over zal gaan. En zo lang moeders op geen enkel vlak worden aangepakt of zelfs maar aangesproken worden, zullen ook in de toekomst moeders de zorg en omgang met vaders blijven frustreren. Het is een zichzelf in stand houdend systeem.

Ik zal nu aangeven waarom ik het niet eens ben met de stelling dat het niet zou gaan om een strafbaar feit.

Het artikel met betrekking tot onttrekking van het ouderlijk gezag betreft artikel 279 Wetboek van Strafrecht. Dit artikel luidt:

Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid

Artikel 279
  1. Hij die opzettelijk een minderjarige onttrekt aan het wettig over hem gesteld gezag of aan het opzicht van degene die dit desbevoegd over hem uitoefent, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vierde categorie.
  2. Gevangenisstraf van ten hoogste negen jaren of geldboete van de vijfde categorie wordt opgelegd indien list, geweld of bedreiging met geweld is gebezigd, of indien de minderjarige beneden de twaalf jaren oud is.

In een uitspraak van de Hoge Raad (LJN AR8250, 01198/04) van 15 februari 2005 stelt de Hoge Raad dat het niet houden aan een omgangsregeling door een ouder belast met ouderlijk gezag wel degelijk een strafbaar feit is.

De Nationale Ombudsman heeft in het rapport 2007/034 van 16 februari 2007 de volgende aanbeveling gegeven: “Gelet op de hiervoor genoemde jurisprudentie ziet de Nationale Ombudsman aanleiding om de korpsbeheerder in overweging te geven om de relevante jurisprudentie (de uitspraak van de Hoge Raad van 15 februari 2005) als uitgangspunt te nemen voor het politieoptreden bij omgangsproblemen.”

In de slotbeschouwing van het betreffende rapport stelt de Nationale Ombudsman voorts:
“De Nationale ombudsman wenst hier te benadrukken dat, indien er sprake is van gezamenlijk gezag, de ouders gezamenlijk de verantwoordelijkheid dragen voor de kinderen en de onderlinge verhoudingen. De ruimte voor de politie om zich in dit soort conflicten te mengen is beperkt.

Voorts verwijs ik u ook naar de uitspraken die zijn gedaan door Rechtbank Leeuwarden (LJN BH2027, 17/754502-08 VON) van 5 februari 2009 en door Rechtbank Maastricht van 20 februari 2009, waarin bevestigd wordt dat het gaat om een strafbaar feit.

Bovenstaande stelt dus dat het niet houden aan een omgangsregeling wel degelijk een strafbaar feit is. Dientengevolge verzoek ik u uw beslissing te heroverwegen. Het spreekt vanzelf dat ik mij zal richten tot de Nationale Ombudsman als u nog steeds van mening blijft dat het hier niet gaat om een strafbaar feit.

Om u verder alvast een stap voor te zijn verzoek ik u een zorgvuldige afweging te maken met betrekking tot het al dan niet strafrechtelijk vervolgen. Ik ben me bewust dat het voor u een lastige kwestie is en dat u daarom, om het uzelf makkelijk te maken, vlug geneigd bent de aangifte te seponeren. In dat geval vraag ik u uiteraard om een goed beargumenteerde sepotreden. Een sepotreden als “onvoldoende wettig en overtuigend bewijs” kan in mijn ogen niet gegeven worden, aangezien moeder op [datum voorjaar] 2010 zelf heeft aangegeven “te weigeren de kinderen mee te geven en weet dat zij volledig ingaat tegen het rechtelijk bevel van de bezoekregeling” (citaat afkomstig uit politieregisters). Ik heb u echter uitgelegd dat moeder weet dat zij zowel strafrechtelijk als civielrechtelijk niet aangepakt wordt en zij zich daarom niet houdt aan de omgangsregeling. Door niet strafrechtelijk te vervolgen geeft u wederom een signaal af naar de moeder dat het niet houden aan de omgangsregeling toegestaan is en zullen toekomstige problemen met betrekking tot de omgang zich blijven voordoen. U belast daarmee uw eigen politieapparaat met onnodig veel werk en handelt niet conform artikel 2 van de Politiewet.

Ik hoop dat u gaat inzien dat u mede verantwoordelijk bent voor de omgangsproblematiek en daarmee mede veroorzaker bent van de schade die dit toebrengt aan mijn kinderen.

Ik schrijf u deze brief overigens op de dag van de rechten van het kind, de dag bovendien dat moeder zich wederom niet houdt aan de omgangsregeling, die nota bene door haar zelf is voorgesteld aan de rechter.

Ik zie uw reactie met belangstelling tegemoet.

Met vriendelijke groet,
[vader]

Bijlagen: 2

Terug naar inhoudsopgave

E. ANTWOORD OPENBAAR MINISTERIE OP BEKLAGBRIEF VADER INZAKE SEPOT

Contactpersoon: [contactpersoon]
Doorkiesnummer: [doorkiesnummer]
Datum: 6 december 2010
Ons kenmerk: [kenmerk]
Onderwerp: beklag

Geachte heer [vader],

Bij deze bericht ik u dat ik in uw brief van 20 november jl. aanleiding heb gezien om de politie nader onderzoek te laten doen. Zodra ik de resultaten van dit onderzoek ontvangen heb, zal ik u hier nader over berichten.

Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Hoogachtend,

De Officier van Justitie
namens deze,

[sr. parketsecretaris]
sr. parketsecretaris

Terug naar inhoudsopgave
_____
Disclaimer: Vaderkenniscentrum kan geen sluitend juridisch advies geven: neemt u hiervoor, als het zover komt, contact op met bijvoorbeeld een advocaat, notaris of de geëigende overheidsinstanties. Het Vaderkenniscentrum huldigt een eigen rechtsopvatting op een rechtsgebied dat in ontwikkeling is. Hoewel het Vaderkenniscentrum de grootst mogelijke algemene zorg aan uw adviesverzoek en – in voorkomend geval - melding zal besteden, is het Vaderkenniscentrum niet aansprakelijk voor de gegeven adviezen. Adviezen en reacties van het Vaderkenniscentrum worden uitsluitend gegeven onder volledige uitsluiting van alle aansprakelijkheid van Vaderkenniscentrum voor de door haar gegeven adviezen en reacties.
_____

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen