dinsdag, juni 05, 2007

142. Oproep hoorzitting wetsvoorstel 30 145

Aan: Tweede Kamer der Staten-Generaal
T.a.v. woordvoerders wetsvoorstel 30 145
Postbus 20018
2500 EA Den Haag

Van: Vader Kennis Centrum (VKC) namens gezamenlijke oudergroeperingen

Betreft: Hoorzitting, Aanbieding Manifest

Utrecht, 5 juni 2007

Geachte leden van de Tweede kamer,

Hierbij bieden wij u aan het manifest inzake het jeugd-, gezins- en familierechtbeleid van samenwerkende oudergroeperingen bijeen op de Vadertop (m/v/grootouders) van 10 mei 2007 in Amsterdam. Op de vadertop hebben de ouders onder andere hun ernstige bezwaren uitgesproken over wetsvoorstel 30.145 en zij richten zich met de volgende oproep tot de Tweede Kamer:

Splits Wetsontwerp 30 145
Bevordering voortgezet ouderschap en zorgvuldige scheiding.


De opsteller van bovengenoemd wetsontwerp heeft twee niet-verknochte onderwerpen in één wetsvoorstel willen regelen:
1. Bevordering voortgezet ouderschap
2. Zorgvuldige scheiding (Blokkering van de sluiproute die bekend staat als de “flitsscheiding”, neerkomend op notariële omzetting van een huwelijk in een geregistreerd partnerschap en vervolgens ontbinding van dat geregistreerd partnerschap).

Uit het oogpunt van wetgevingstechniek is het combineren van twee niet verknochte onderwerpen riskant en daarom ongewenst. Immers, het ene onderwerp deelt noodzakelijkerwijs het lot van het andere onderwerp, terwijl dat politiek wel eens minder gevoelig, ja zelfs tegenovergesteld zou kunnen liggen. (Vergelijk de parlementaire geschiedenis van wetsontwerp 15 638).

Onderwerp 2, blokkering van de flitsscheiding.
Dit onderwerp ligt bij de politiek gevoelig, terwijl het bij het publiek nauwelijks een principestrijd oplevert.

Onderwerp 1, bevordering voortgezet ouderschap
Dit onderwerp kan bij politiek en publiek qua pretentie (bevordering van het voortgezet ouderschap) weliswaar rekenen op instemming, doch stuit qua uitwerking op heftige meningsverschillen, die absoluut niet zijn uitgekristalliseerd. Het ontwerp is het resultaat van de gevestigde lobbies. De wetgever is met de rug naar de ouders blijven staan.

Onder de ouders zijn zinvolle gedachten ontwikkeld als oplossing van de problematiek die al meer dan dertig jaar als onoplosbaar wordt ervaren.

Hoorzitting
Ouders doen een klemmend beroep op de Tweede Kamer om de behandeling van dit onderwerp aan te houden ten behoeve van een hoorzitting. Wetsontwerp 30 135 zou gesplitst moeten worden.

Namens de samenwerkende oudergroeperingen,

Hoogachtend,

Drs Pieter A.N. Tromp
Vader Kennis Centrum (VKC) van Stichting Kind en Omgangsrecht

Mr Ir P.J.A. Prinsen
Oud- advocaat

Correspondentieadres: Vader Kennis Centrum (VKC) van Stichting Kind en Omgangsrecht
J. Cabeliaustraat 17, 3554 VH Utrecht
Telefoon: 030-238 3636
E-mail: vaderkenniscentrum@gmail.com
Website Vadertop: http://vadertop.blogspot.com

Bijlage:
SAMEN VERDER BIJ ZORG EN OPVOEDING, DE BOEL BIJ ELKAAR HOUDEN, MANIFEST VAN DE VADERTOP, GEHOUDEN TE AMSTERDAM OP DONDERDAG 10 MEI 2007

141. MANIFEST VADERTOP


SAMEN VERDER BIJ ZORG EN OPVOEDING

MANIFEST VAN DE VADERTOP, GEHOUDEN TE AMSTERDAM OP DONDERDAG 10 MEI 2007

georganiseerd door het Vader Kennis Centrum [1]

“DE BOEL BIJ ELKAAR HOUDEN”

“De boel bij elkaar houden!” [2], zo luidt het motto van de (op één na) beste burgervader ter wereld. [3]

Het is ook het motto van alle “beste vaders ter wereld”, vaders van kinderen [4], gezinsvaders, van alle ouders en grootouders die het beste voorhebben met hun kinderen en kleinkinderen.

En welk motto herkennen wij bij die andere vader: Vadertje staat, de Overheid? Helaas, díe vader ziet de gezinsvader als de man die op zondag het vlees komt snijden. De Overheid maakt een karikatuur van hem, stelt hem voor als de man die de kantjes er van af loopt [5]. Als een bij-ouder. Als de man die zich niet thuis zou voelen in het domein waarin kinderen worden verzorgd, onderwezen en gevormd. Als de man wiens handen zo los zitten. [6] Geen wonder dat er een vadervijandig klimaat bestaat, waarin vader maar beter uit het gezin wordt verwijderd bij de eerste de beste barst in de gezinsharmonie, of gewoon als moeder van hem af wil. [7]

Mediacampagnes

De Overheid zoekt draagvlak voor rolpatroondoorbrekend gezinsbeleid door middel van mediacampagnes die zich moraliserend richten op vaders. Maar de instanties die zich bewegen op het vlak van jeugdzorg, opvoedingsondersteuning en primair onderwijs vormen tot op zekere hoogte een bastion [8] dat zelf model staat voor het gewraakte rolpatroon. Het feit dat onderwijs zijn aantrekkelijkheid en effectiviteit voor jongens lijkt te verliezen hangt volgens sommigen samen met dat bij de instanties zelf bestaande rolpatroon.

Zonder uitzondering gaan de bovenbedoelde mediacampagnes uit van het geschetste negatieve vaderbeeld. Bijgevolg hebben die tendentieuze campagnes vooral een “Zie-je-wel-ze-deugen-niet”-effect. In plaats van rolpatronen te veranderen versterken zij vooroordelen waarin – in een brede maatschappelijke reflex - die rolpatronen verstarren. Zelfs wetenschappelijk onderzoek naar kindermishandeling raakt daardoor bevangen. Kindermishandeling blijkt vooral een probleem in éénoudergezinnen [9] (meestal alleenstaande moeders) en stiefgezinnen (meestal moeders met nieuwe partner), maar met de wegkijkende daderspecificatie “vader en/of moeder” in de vragenlijst [10] wordt het concrete daderschap buiten het zicht gehouden, wordt een ongemakkelijke waarheid verborgen. De vraag of het kind misschien beter aan vader had kunnen worden toevertrouwd komt niet op. In de heersende optiek wordt zodoende alle “mishandeling” op het conto van vader geschreven, nog daargelaten dat de definitie van kindermishandeling zo ver mogelijk is opgerekt [11] om het thema op de politieke agenda te houden. De term en de cijfers hebben daardoor een hoog demagogisch gehalte. Zulk politiek correct onderzoek kan niet fungeren als een deugdelijke grondslag voor beleid.

Belang van het Kind? Weg met vader!

In Nederland worden jaarlijks nog slechts circa 72.000 huwelijken voltrokken, vinden bijna 40.000 echt- én flitsscheidingen plaats én worden zo’n 70.000 samenwoonrelaties verbroken: 220.000 ex-en per jaar. Daar zijn volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS, Bevolkingstrends, 4e kwartaal 2005) bijna 60.000 kinderen bij betrokken: 165 per etmaal. Bijna de helft van die kinderen heeft volgens het CBS daarna géén of nauwelijks contact met een van beide ouders meer, meestal vaders. Cumulatief gaat het om meer dan een half miljoen scheidingskinderen - ruim 15% van alle in Nederland opgroeiende kinderen - die in strijd met de internationale verdragswetgeving
[12] buitengesloten van hun ‘niet-verzorgende’ ouders en familie opgroeien, terwijl door de huidige éénouderschapspraktijk in het scheidingsrecht nog eens ruim 15% van de in Nederland opgroeiende kinderen slechts marginaal contact overhoudt met de ‘niet-verzorgende’ ouder en achterliggende familie. De gevolgen van de resulterende vaderloosheid en een vaderloze opvoeding zijn voor kinderen en jongeren desastreus [13] en inmiddels ook uitgebreid middels wetenschappelijk onderzoek gedocumenteerd. Maar dit is kennelijk geen zorg voor de overheid.

Idealen en autonomie van vaders doen er niet meer toe. Hij moet bij (echt)scheiding categorisch en rigoureus wijken voor het vanuit een aanvechtbare visie gedefinieerde belang van het kind en het veld ruimen. Verdreven wordt hij, niet meer in staat om zijn kinderen nog te zien of te verzorgen. Hij màg zijn kinderen ook niet meer verzorgen en moet zijn salarisstrookje op de tafel van de rechter leggen. Ziet hij zijn kinderen afglijden naar zinloos geweld of vandalisme, of wil hij waarschuwen voor gevaren in het gezin van de moeder, dan heet het dat hij de scheiding niet heeft verwerkt en wordt zijn invloed met een straat- en contactverbod geneutraliseerd. Gaan kinderen met een PAS-syndroom zich te buiten aan ongehoorde verguizing van hun ooit zo geliefde vader dan worden zij in hun normloze houding en hun misvormde realiteitsbesef bevestigd door de rechter die vanwege de “onhaalbaarheid van de omgang” moeders wens tot ontzegging beloont. Zó ervaren vaders aan den lijve de kern van het cynische gezinsbeleid van onze bestuurlijke en familierechterlijke Overheid, waarin waarden en normen als ideaal zijn opgegeven “in het belang van het kind”. Het vroegere patriarchale systeem was achterhaald; het hedendaagse matriarchale systeem, met zijn doorgeschoten accent op slachtofferschap, is op zijn minst even onevenwichtig.

Symptoombestrijding

Wetten die in de maak [14] zijn en die, aan de buitenkant, gericht lijken op “de boel bij elkaar houden” (met bemiddeling) – zij ademen intrinsiek deze negatieve tijdgeest. In het wetsvoorstel Bevordering voortgezet ouderschap en zorgvuldige scheiding, wordt bemiddeling aangewend als symptoombestrijding, terwijl de ziekte van het systeem zelf niet wordt genezen. In het huidige klimaat biedt bemiddeling alleen soelaas aan de bemiddelbaren (en de bemiddelden!) en dan alleen voor zolang de bemiddeling duurt. Nadat de bemiddeling is afgelopen (en de rechter uitspraak heeft gedaan) begint de weigering van moeder meestal weer opnieuw. Ook de invoering van ouderschapsplannen betreft symptoombestrijding. Het gaat om de ontbrekende handhaving van gerechtelijke uitspraken. Als rechters, justitie en politie omgangsregelingen en gedeeld ouderschapsregelingen niet handhaven ligt het voor de hand dat ook ouderschapsplannen niet zullen worden gehandhaafd en geen stap verder brengen. Het laatste woord blijft au fond als vanouds het woord van de rechter: “Niet haalbaar”. Family-engineering met de Overheid aan de knoppen, berustend op maakbaarheidsgeloof. Rechtspsychologie [15] zou het systeem als zodanig kunnen genezen, maar rechtspsychologie is in het familierecht terra incognita.

Ouders: een quantité négligeable

Niet alleen in de rechtzaal, ook in het huidige wetgevingsproces (“bevordering voortgezet ouderschap”!) vormen gescheiden ouders voor de Overheid een quantité négligeable. Zelfs een hoorzitting werd aan hen niet besteed. De betuttelende inhoud van het wetsvoorstel wordt gedomineerd door de lobby van instanties die, zich beroepend op het belang van het kind, de ouders tegen elkaar uitspelen. Instanties die ouders in een ijzeren greep hebben en bij het geringste vermoeden hun levens ontwrichten, maar die het publiek wijs maken dat de jeugdbeschermers wettelijk machteloos staan tegen die te centraal staande ouders en dat dàt de reden is waarom al die ongelukken gebeuren. En dat zij dáárom nòg meer geld nodig hebben…

Vaders en moeders

De boel bij elkaar houden - wie daarin slaagt levert al een prestatie van formaat. Het is dáárom zo’n kernachtig motto omdat het de spanning laat voelen tussen idealen, beperkingen en gebreken. Vaders en moeders, beide zijn er mee behept, met idealen èn gebreken. Beide zijn mens, de een niet beter dan de ander, maar ook niet slechter [16]. Ze zijn niet gelijk. Maar wèl gelijkwaardig, vraag dàt maar aan de kinderen!

De boel bij elkaar houden:
  • … impliceert voortdurende alertheid op ingeslopen vooroordelen,
  • … stelt de vrede tussen conflicterende groepen of individuen vóór alles,
  • … moraliseert niet maar respecteert de autonomie van betrokkenen,
  • … verhult zich niet in holle frasen,
  • … kiest voor de kracht van autonomie in plaats van voor heteronome maakbaarheid en betutteling,
  • … stelt ruime, maar harde grenzen waar niet mee te spotten valt, noch door vaders, noch door moeders,
  • … zwicht niet voor chantage van de dwarsligger,
  • … is wars van politieke correctheid.

Oproep van de ouders aan de politiek

Vaders, maar ook moeders die het lot van de meeste gescheiden vaders delen, hebben hun vertrouwen in Kinderbescherming, Jeugdzorg en Rechtspraak verloren. Zij doen een klemmend beroep op Regering en Parlement.

Op donderdag 10 mei 2007 hebben deze ouders ervan getuigd hoe hun gezin nodeloos ver uiteengedreven is door de bemoeienis van de bestuurlijke en rechterlijke overheden. Uiteengedreven als gevolg van beleid en wetgeving die met het cynische dogma “Ouders doen er niet toe, Belang van het Kind vóór alles” [17] dátgene veroorzaakt wat zij vóóronderstelt: tweedracht, onverzoenlijkheid, machtstrijd, tegen welke bedreigingen hun kinderen beschermd heten te moeten worden. Deze ouders hebben hun gezin, het domein waarbinnen waarden en normen op de nieuwe generatie overgedragen plegen te worden, zien verkeren in een plaats van teloorgang van waarden en normen als gevolg van rechterlijke bemoeienis op basis van verstarde dogmatiek die ouders tegen elkaar uitspeelt en vaders verdrijft uit het leven van hun kinderen. Deze ouders onderschrijven de beginselen die door oudergroeperingen over de hele wereld zijn neergelegd in de Internationale Verklaring van Langeac [18]. Deze ouders roepen de Minister voor Jeugd en Gezin op om, met gevoel voor rechtgeaard vaderschap, zijn inspiratie te zoeken in het vaderlijke adagium:

De boel bij elkaar houden.

  1. Stop de imagobeschadiging van vaders. Stop de heksenjacht op ouders.
  2. Ouderschap, de wederzijdse band tussen kind en ouder, is ius ante legem, recht dat aan wetten vooraf gaat. Respect voor de integriteit van het ouderschap moet weer doorklinken, zowel in de Jeugdzorg als in het scheidingsrecht.
  3. Veranker gelijkwaardigheid, autonomie, rechtszekerheid en rechtsgelijkheid van en voor beide ouders jegens elkaar in de wet door harde waarborgen.
  4. Waarborg serieuze rechtsbescherming tegen de Overheid en tegen de organen belast met de uitvoering van overheidsbeleid.
  5. Erkenning dient tweezijdig te zijn: de biologische vader die zijn kind erkent moet van rechtswege worden erkend als gezagsouder.
  6. Het ouderlijk gezag omvat mede de verplichting van de ouder om de ontwikkeling van de banden van zijn kind met de andere ouder te bevorderen.
  7. Vader gaat vóór uithuisplaatsing (UHP) of ondertoezichtstelling (OTS).
  8. Roep de vadervijandige Raden voor de Kinderbescherming tot de orde.
  9. Inperking van de macht van Jeugdzorg, beperk het budget van Jeugdzorg.
  10. Géén centrale registratie van “verdachte” ouders.
  11. Geen meldplicht van verdenking van kindermishandeling. Het leidt tot een heksenjacht die het systeem verstopt, die onverzadigbaar is, waarin de echte noodgevallen onopgemerkt blijven en die tot de schijnremedie van meer van hetzelfde leiden.
  12. Handhaaf het medisch beroepsgeheim. Ouders moeten zonder vrees voor vervolging of inmenging medische hulp voor hun kind kunnen inroepen.
  13. Hervorming scheidingsrecht:
  • Het belang van het kind schiet zijn doel voorbij. Stel vrede tussen de ouders centraal.
  • Echtscheiding moet een ordemaatregel zijn op basis van agendakwesties. Niet een inquisitoire kinderbeschermingsmaatregel.
  • Elimineer de Raad voor de Kinderbescherming uit het scheidingsrecht.
  • Waarborg het ouder-kind-contact vanaf dag 1 van de scheiding.
  • De besloten rechtspraak in het familierecht corrumpeert het Recht. De Rechtsstaat vereist transparantie, openbaarheid en het afleggen van rekenschap. Zij verdraagt geen besloten processen, ook niet in het familierecht.
  • Gelijkwaardigheid: Géén hoofdverblijf maar gelijk verdeeld co-ouderschap als uitgangspunt, grote terughoudendheid bij afwijking en alleen op zakelijke gronden.
  • Gezamenlijk gezag moet méér zijn dan een cosmetische formaliteit.
  • Wie om privé-redenen wil afwijken van een ouderschapsplan (bijvoorbeeld bij verhuizing) draagt zelf de consequenties.
  • Wie zegt dat samenwerking met de andere ouder onmogelijk is kan niet de ander doen ontzetten uit, maar slechts zichzelf laten ontheffen van het ouderschap.
  • Rechtszekerheid: onttrekking van het kind aan het door de rechter vastgestelde zorgplan moet worden voorkomen en zonodig bestreden met de bestaande middelen die nu bij voorlopige voorzieningen van rechtswege paraat (= zonder aparte rechterlijke tussenkomst) beschikbaar zijn: sterke arm resp. opsporings- en dwangmiddelen van strafvordering. Die middelen hebben hun doelmatigheid (preventieve werking) bewezen.
  • Rechtsgelijkheid vereist dat de dreigende of feitelijke toepassing van die middelen even stringent tegen vaders als tegen moeders is gericht.
  • Géén bijzonder curator in het echtscheidingsrecht.
  • Géén terugcodificatie van contraire jurisprudentie (“hoofdverblijf” in de plaats van de afgeschafte één-ouder-voogdij, “klem of verloren”-jurisprudentie in plaats van haalbaarheidsverbod).
  • Stop met het als wetgever met de rug naar ouders toe te gaan staan bij wetgeving.
  • Verbeter het wetsontwerp 30.145 op de bovengenoemde punten of breng een scheiding aan in de huidige uiterst ongelukkige gecombineerde kamerbehandeling van de onderdelen (a) “administratieve scheiding” en (b) “voortgezet ouderschap na scheiding” in het wetsontwerp 30.145 én zet de behandeling van het onderdeel (b) “voortgezet ouderschap na scheiding” uit wetsontwerp 30.145 tijdelijk stop in afwachting van de resultaten van een eerst te houden consultatieprocedure en hoorzittingen waarbij ook ouders en deskundigen gehoord worden in het wetgevingsproces.
  • Verbeter de publieksvoorlichting en organiseer publiekscampagnes over de juridische regeling van het vaderschap, het belang van het vaderschap en het gedeeld co-ouderschap na scheiding, de gevolgen van scheiding voor kinderen en het oudervervreemdingssyndroom (Parental Alienation Syndrome, PAS).
  • Faciliteer hereniging van verloren ouders en kinderen (bv. door middel van een internettrefpunt).

Is getekend in alfabetische volgorde, 4 juni 2007:
  • Stichting Dwaze Vaders (DV), Leo Bevaert
  • Fathers 4 Justice (F4J): Andrew Work, internationaal coördinator, Marijke de Both, coördinator Purple Hearts, Dennis Grippeling, regiocoördinator Nederland-Midden
  • Stichting Kind en Omgangsrecht (KO): drs Pieter A.N. Tromp, voorzitter, Ing Paul Bastianen, bestuurslid, Melchior Tijssen
  • Stichting Kinderen - Ouders – Grootouders (KOG): drs Truus P. Barendse, bestuurslid
  • Stichting Ouders Zonder Omgang (OZO): A. Ross, mede-voorzitter, dr Th.M. Nieuwenhuizen, mede-voorzitter, drs R. IJ. Bijl, bestuurslid
  • Ouderverstoting.nl: Ing. Erik C. van der Waal, Interim Manager
  • Joep Zander, pedagoog en schrijver
  • Stichting Sheherazade: Amina El Boukamiri
  • Wouter Hanhart, arts
  • Wim Orbons, gezondheidseconoom
  • Mr Ir Peter J.A. Prinsen, oud-advocaat (eindredactie manifest)


Bijlagen:
  • Bijlage 1 - Internationale verklaring van Langeac
  • Bijlage 2Oproep aan de Tweede Kamer, Amersfoort, 21 april 2007 (Gezamenlijke oproep van de oudergroeperingen aan de Tweede Kamer inzake wetsontwerp 30 145)
  • Bijlage 3Peter Prinsen: Naar een rechtspsychologische grondslag voor het scheidingsrecht
  • Bijlage 4 - René Diekstra, Belangrijke vaders, Staatscourant 31 oktober 2006 (Adviseur René Diekstra benadrukt in Staatscourant het belang van meer vaderbetrokkenheid bij het jeugdbeleid)
  • Bijlage 5Wim Orbons, Mannen agressief? Kijk ook eens naar vrouwen. NRC Handelsblad 14 april 2006 (Opinieartikel in de NRC van 14 april 2007 van Wim Orbons over de anti-vadercampagnes van de overheid en SIRE)


VADERTOP (m/v/grootouders) - 10 mei 2007
http://vadertop.blogspot.com/



Voetnoten:

[1] De Amsterdamse Vadertop (m/v/grootouders) werd op 10 mei 2007 georganiseerd door het Vader Kennis Centrum i.s.m. Stichting Kind en Omgangsrecht, Fathers-4-Justice Nederland, Stichting Dwaze Vaders, Stichting Ouders Zonder Omgang, Stichting Kinderen - Ouders - Grootouders, MSN-groep Gescheiden Vaders Nederland, Papa.nl.nu, Stichting Sheherazade, Ouderverstoting.nl en Peter Prinsen.
[2] J. Cohen, Cleveringa-lezing 2002
[3] Op 5 december 2007 werd Job Cohen in de World Mayor Award internetverkiezing uitgeroepen tot de nummer 2 op de lijst van de beste burgemeesters ter wereld
[4] “Pappa’s houden meer van je dan wie ook”. Brieven van kinderen. Lannoo, Tielt en Amsterdam 1980
[5] Campagne 2002 Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid: Mannen worden er beter van, en vrouwen ook
[6] Publiekscampagne 2007 Ministerie van V.W.S. “Nu is het genoeg”
[7] Postbus 51: “Hoe vraag ik een echtscheiding aan”
[8] Zie bijlage 4: René Diekstra, Belangrijke vaders, Staatscourant 31 oktober 2006
[9] Van IJzendoorn c.s., Kindermishandeling in Nederland anno 2005, Leiden Attachment Research Program, WODC 2007
[10] Lamers-Winkelman c.s., VU, Scholieren over mishandeling, januari 2007, Vragenlijst
[11] Zie bijlage 5: Wim Orbons, Mannen agressief? Kijk ook eens naar vrouwen. NRC Handelsblad 14 april 2006
[12] Europees Verdrag van de Rechten van de Mens en Internationaal Verdrag van de Rechten van het Kind
[13] Interview met Ger Groot, docent wijsgerige antropologie van de Erasmus Universiteit en medewerker van NRC: 'Ouders die de beste vrienden van hun kinderen zijn - dat werkt alleen maar contraproductief’, Filosofie Magazine, Johan van de Werken, nummer 5, jaargang 2007
[14] Wetsontwerp bevordering voortgezet ouderschap en zorgvuldige scheiding, Kamerstuk 30 145
[15] Zie bijlage 3: Peter Prinsen. Naar een rechtspsychologische grondslag voor het scheidingsrecht
[16] Bas Heijne, Waar komt dat onuitroeibare geloof in de vrouw als beter mens toch vandaan? Het is net zo idioot als het geloof in de vrouw als minderwaardig wezen. NRC Handelsblad 4 december 2004
[17] Zie bijlage 2: Oproep aan de Tweede Kamer, Amersfoort, 21 april 2007
[18] Zie bijlage 1: Internationale Verklaring van Langeac

vrijdag, juni 01, 2007

140. Interview met Ger Groot (filosoof aan de Erasmus Universiteit, medewerker NRC) over het belang van beide ouders en de ramp van vaderloze gezinnen

'Ouders die de beste vrienden van hun kinderen zijn - dat werkt alleen maar contraproductief’

De gevolgen van een vaderloze opvoeding - of de vader nu fysiek afwezig is of zijn symbolische vaderrol naast zich neer heeft gelegd - zijn desastreus, constateert Ger Groot, filosoof aan de Erasmus Universiteit en medewerker van NRC: 'In een dergelijk gezin zal het kind nauwelijks ervaren hoe het is om tegenover de wet te staan, om de wet gesteld te krijgen. Dit is van het grootste belang, omdat dit na de opvoeding in de samenleving hoe dan ook zal gebeuren: tegenover de werkgever, de overheid en de samenleving als geheel. Op het moment dat in de vormende fase van de persoonlijkheid niet is aangeleerd hoe hiermee omgegaan dient te worden, zal de ontzetting die toeslaat op het moment dat die botsing plaatsvindt bijna onoverkomelijk worden. Dan ben je reeds zo ver gevormd - of beter gezegd: misvormd - dat het heel veel moeite zal kosten en met veel pijn gepaard zal gaan om dit herstellen.'


INTERVIEW met Ger Groot, docent wijsgerige antropologie van de Erasmus Universiteit en medewerker van NRC

Filosofie Magazine. nummer 5 (jaargang 2007)

Uit het nieuws: Het gezin
Door: Johan van de Werken

Volgens Ger Groot verwaarlozen vaders hun klassieke vaderrol, met als gevolg ontsporende kinderen. 'In de opvoeding vertegenwoordigt de vader de wet en de moeder de liefde. Die binding is sterker dan de eenentwintigste-eeuwse mens graag zou willen.'

'Het gezin' mag zich, na de individualistische jaren tachtig en negentig, heugen in hernieuwde belangstelling. Kranten schrijven dagelijks over probleemwijken waar onhandelbare kinderen en jongeren op straat de dienst uitmaken, een nieuw fenomeen als de 'gezinscoach' wordt officieel erkend in de Wet op de Jeugdzorg en in het huidige kabinet is een speciale ministerspost ingeruimd voor Jeugd en Gezin.

Filosoof Ger Groot, verbonden aan de Rotterdamse Erasmus Universiteit, ziet deze trend als een correctie op de kapitalistische rat race, die mensen tot het uiterste heeft gedwongen, met alle gevaren voor morele ontsporing van dien. In zo'n tijd is het logisch dat discipline en opvoeding weer op de politieke agenda komen. Groot: 'In het kapitalisme heeft de prestatiemoraal de plaats ingenomen van de arbeidsmoraal. Er wordt sterk de nadruk gelegd op productie, waarbij competitie dan het middel is om "het beste uit mensen te halen". Een neoliberaal thema. Daarbij wordt vergeten dat competitie ook een probaat middel is om het slechte in de mens naar boven te halen. Op het moment dat je mensen systematisch onder druk zet, doordat je ze alle zekerheden ontneemt - zoals een vaste baan - dan haal je daar misschien op bepaalde terreinen een zekere winst mee, maar tegelijkertijd verlies je de morele evenwichtigheid van mensen. Dat wreekt zich onder andere in het feit dat we eigenlijk constant overspannen zijn. Hierdoor bouw je een continue gevaar voor explosie in de psyche in.'

Om je in een 'barse' maatschappij als de onze staande te kunnen houden is het zaak dat deugden als redelijkheid, tolerantie en incasseringsvermogen al in een vroeg stadium zijn aangeleerd, stelt Groot. 'Beschaving en discipline vormen een buffer tegen de aandriften van het getergde gemoed en weten de opspelingen ervan te onderdrukken voordat er woorden of klappen vallen. Een goede opvoeding maakt je weerbaar voor frustraties en ìs - met Freud gezegd - eigenlijk een belangrijke oefening in het omgaan met frustraties. Opvoeding is temmen. Kinderen komen als wilde beesten ter wereld en moeten in het gareel gebracht worden. Deze zware botsing is misschien wel het sterkst in de eerste levensjaren als kinderen met hun eis om onmiddellijke behoeftebevrediging stuiten op de grotemensenwereld die hen moet aanleren om die behoeftebevrediging uit te stellen. Dit uitstel is in feite het begin van "emotie-management": je moet met je eigen behoeften en driften kunnen omgaan.'

Volgens Groot is het een vergissing om te denken dat de klassieke rolverdeling tussen twee ouders in een gezin - de vader streng en rechtvaardig, de moeder zorgzaam en koesterend - afgedaan heeft. 'Buitengewoon verlicht of modern is die rolverdeling niet, maar effectief is ze wel, zoals iedere kenner van detective- of spionageromans weet. De rolverdeling tussen de harde en de zachte ondervrager is even klassiek als effectief. In de opvoeding vertegenwoordigt de vader de wet en de moeder de liefde, volgens de wat versimpelde enscenering van de psychoanalyse. Ik denk dat die binding sterker is dan de maakbare eenentwintigste-eeuwse mens graag zou willen.

Ik verzet me dan ook tegen het idee dat de ouders de beste vrienden van hun kinderen zijn, dat werkt alleen maar contraproductief.

Ik heb eerder betoogd dat het onjuist is om kunstmatige inseminatie van overheidswege - toen nog via ziekenfonds - beschikbaar te stellen aan alleenstaande vrouwen. Er moet een ouderpaar zijn, waarmee ik niet wil suggereren dat we terug moeten naar de verstoting van ongehuwde moeders, zoals dat in de negentiende eeuw het geval was. Maar het moet in ieder geval niet door de staat bevorderd worden. Het probleem is namelijk dat er bij een eenoudergezin nauwelijks speelruimte zit tussen het kind en de ouder. Terwijl een kind met twee ouders dat een conflict heeft met de vader, altijd de moeder heeft die het conflict kan doorbreken, of vice versa. Als er twee ouders zijn is het voor het kind duidelijk waar de grenzen liggen, maar de situatie is niet zo verstikkend als in een eenoudergezin het geval zou zijn: een driehoek geeft nu eenmaal meer ruimte dan een verhouding van een op een.'

Verloochenen

Groot wijst erop dat ontspoorde jongeren vaak afkomstig zijn uit vaderloze gezinnen, maar constateert dat de symbolische vader ook lijkt te zijn verdwenen uit gezinnen waar de biologische vader wèl fysiek aanwezig is. 'Er is een zekere neiging van vaders om die klassieke vaderrol te verloochenen. Men legt zijn rol van wetgevende autoriteit onder maatschappelijke en ideologische druk naast zich neer en meet zich een verkapte moederrol aan. Je hoort ze zeggen: "Ik wil niet zo streng zijn als mijn vader was".'

Dit wordt beaamd door Dorien Pessers, hoogleraar Rechtstheorie aan de Vrije Universiteit, in NRC Handelsblad: 'Het is historisch gezien opmerkelijk hoe snel de patriarchale macht die tweeduizend jaar het familierecht heeft beheerst, is vervangen door een matriarchale macht. De moeder staat nog altijd voor lichamelijkheid, liefde, troost en geborgenheid. Maar waar verwijst de vader nog naar in een samenleving waar een patriarchale verantwoordelijkheidsethiek zelfs bij de politieke, sociale en economische elite is verdwenen?'

De gevolgen van een vaderloze opvoeding - of de vader nu fysiek afwezig is of zijn symbolische vaderrol naast zich neer heeft gelegd - zijn desastreus, constateert Groot: 'In een dergelijk gezin zal het kind nauwelijks ervaren hoe het is om tegenover de wet te staan, om de wet gesteld te krijgen. Dit is van het grootste belang, omdat dit na de opvoeding in de samenleving hoe dan ook zal gebeuren: tegenover de werkgever, de overheid en de samenleving als geheel. Op het moment dat in de vormende fase van de persoonlijkheid niet is aangeleerd hoe hiermee omgegaan dient te worden, zal de ontzetting die toeslaat op het moment dat die botsing plaatsvindt bijna onoverkomelijk worden. Dan ben je reeds zo ver gevormd - of beter gezegd: misvormd - dat het heel veel moeite zal kosten en met veel pijn gepaard zal gaan om dit herstellen.'

Dit is de volledige versie van het artikel uit nummer 5 (jaargang 2007) van Filosofie Magazine. Wilt u ook de andere artikelen lezen, neem dan een abonnement of koop het nummer in de winkel of kiosk.