Posts tonen met het label onderzoek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label onderzoek. Alle posts tonen

woensdag, oktober 31, 2012

557. Co-ouderschapskinderen zitten na een scheiding beter in hun vel en halen hogere schoolcijfers

Scheidingskinderen in een co-ouderschapsregeling zitten beter in hun vel en halen hogere schoolcijfers dan scheidingskinderen in een eenoudergezin bij moeder of in een stiefgezin met de nieuwe vriend van moeder.

Uit het onderzoek 'Scholieren en gezinnen 2006-2011" van de Universiteit Utrecht onder 5300 schoolkinderen, blijkt dat kinderen van gescheiden ouders die afwisselend bij hun vader of moeder wonen, beter in hun vel zitten en hogere cijfers halen op school, dan kinderen die na een scheiding in een eenoudergezin bij moeder wonen of in een stiefgezin bij moeder met een nieuwe vriend (stiefvader). Het afgelopen decennium steeg het percentage co-ouderschapsregelingen na scheiding van 5% naar 20%. En van de huidige basisschoolleerlingen met gescheiden ouders (gemiddeld 6 per klas) pendelt bijna een kwart tussen vader en moeder. Sommige kinderen wonen om de week bij een van de ouders, anderen vier dagen bij de één en drie bij de ander. Deze kinderen doen het echter beter dan kinderen in stiefgezinnen of eenoudergezinnen, omdat co-ouders minder ruzie blijken te maken dan andere ex-partners. Kinderen hebben daardoor minder last van de scheiding.



© Onderzoek scholieren en gezinnen 2011 (Universiteit Utrecht)

Kinderen uit intacte gezinnen hebben betere schoolprestaties
Universiteit Utrecht - Sociale Wetenschappen - 31.10.2012

Kinderen van wie de ouders bij elkaar zijn, hebben gemiddeld de beste schoolprestaties. Van gezinnen die niet intact zijn, presteren de kinderen uit co-oudergezinnen op school het best. De minst goede schoolprestaties zijn opgetekend bij kinderen uit eenoudergezinnen. Dat schrijven scheidingsdeskundige Ed Spruijt van de Universiteit Utrecht en filosofe Corrie Haverkort in hun boek ‘Kinderen uit nieuwe gezinnen’.

In het boek wordt gebruik gemaakt van statistische gegevens van Spruijts onderzoek ‘Scholieren en Gezinnen 2011’. Gedurende vijf jaar (van 2006 tot 2011) namen in totaal 5300 scholieren uit de groepen 7 en 8 van de basisschool en de klassen 1, 2 en 3 voor het voortgezet onderwijs mee aan dit onderzoek.

Welbevinden
Het onderzoek toont aan dat in een gemiddelde Nederlandse klas van 30 leerlingen, minstens 6 kinderen zitten die opgroeien in zogenoemde nieuwe gezinnen. Zulke nieuwe gezinnen zijn bijvoorbeeld co-oudergezinnen, stiefgezinnen, eenoudergezinnen en verweduwde gezinnen. Niet alleen de schoolprestaties van kinderen uit deze nieuwe gezinnen blijven achter, ook het welbevinden ligt bij hen lager dan bij kinderen uit intacte gezinnen.

Stiefvader
Van alle nieuwe gezinnen komt volgens Spruijt het stiefvadergezin het meest voor in Nederland, een gezinsvorm waarbij het kind woont bij de biologische moeder en haar nieuwe partner. Die stiefvader in het gezin heeft een flinke invloed op het welbevinden van het kind, zo blijkt uit de cijfers in het boek. Spruijt: “Moeders zijn zoals verwacht in elk gezinstype het allerbelangrijkst: voor het welbevinden van het kind in een stiefvadergezin is een goede band tussen moeder en kind ook van het grootste belang. Maar de stiefvader blijkt in dergelijke situaties op plaats twee te komen, nog voor de uitwonende biologische vader.”

Stiefvader en stiefkind kunnen dus een sterke band opbouwen. Tegelijkertijd blijkt dat bloedbanden geen garantie zijn voor goede verhoudingen tussen kind en ouder: ook bloedbanden moeten worden opgebouwd en onderhouden.

Laagopgeleiden scheiden vaker
Spruijt merkt ook op dat er tegenwoordig onder laagopgeleiden relatief meer gescheiden wordt dan onder hoogopgeleiden. Hoe hoger de opleiding, hoe minder er wordt gescheiden. “Dat is een trend van de laatste jaren. Scheiden zou een dalend cultuurgoed kunnen worden genoemd: het gebeurde aanvankelijk vooral in de hogere sociale klassen, tegenwoordig meer in de lagere.” Dat hoger opgeleiden minder scheiden kan komen doordat ze beter communiceren, conflicten flexibeler kunnen oplossen en meer ruimte en geld hebben om zich individueel te ontplooien. Bovendien weten ze meer over de nadelige gevolgen van een scheiding voor hun kinderen.

Dit onderzoek sluit nauw aan bij een van de vier onderzoeksthema’s van de Universiteit Utrecht: Jeugd en identiteit.

Boek en congres
Het boek van Ed Spruijt en Corrie Haverkort verschijnt 31 oktober bij uitgeverij LannooCampus. Zes dagen na het verschijnen van het boek, op 6 november, vindt er een congres plaats dat ‘kinderen uit scheidingsgezinnen’ als onderwerp heeft.

Co-ouders doen het goed
BNR.NL - Door Anne-Greet Haars - 31 october 2012

Kinderen die na een scheiding te maken krijgen met co-ouderschap zitten lekkerder in hun vel dan kinderen die bij één van de ouders wonen.
Dat blijkt uit onderzoek van de Universiteit Utrecht. De uitkomsten staan in het boek 'Kinderen uit nieuwe gezinnen' dat vandaag uitkomt.

Ook halen deze kinderen hogere cijfers op school dan de kinderen die na een scheiding bij één van de ouders wonen of in een stiefgezin.

Minder ruzie
Scheidingsonderzoeker en schrijver van het boek, Ed Spruijt, zegt dat deze kinderen beter in hun vel zitten omdat Nederlandse co-ouders veel minder ruzie maken. "Dat is de belangrijkste risicofactor voor scheidingskinderen: hoe meer ruzie de ouders maken, hoe slechter het met de kinderen gaat."

Oplossen
Kinderen die in een 'normaal' gezin wonen hebben er ook baat bij als ouders tevreden zijn, vertelt Spruijt. "Een meningsverschil is niet zo erg, en als een ruzie weer wordt opgelost, dan is het ook niet erg. Maar kenmerkend voor de probleemgezinnen is dat de ruzie jarenlang duurt en niet worden opgelost: daar hebben kinderen veel last van."

Stiefgezinnen
Uit het onderzoek blijkt ook dat er meer stiefgezinnen zijn dan dat er in het bevolkingsregister staat. "Het bevolkingsregister loopt altijd achter, omdat het niet meteen wordt doorgegeven. Bovendien hebben bijvoorbeeld vaders vaak twee adressen: ze wonen al lang met een ander gezin ergens anders samen, terwijl ze nog op hun oude adres staan ingeschreven."

TREFWOORDEN: co-ouders, co-ouderschap, scheiding

GERELATEERD



Betere schoolprestaties voor kinderen uit intacte gezinnen
België - Goed Gevoel - Scheiden - 31/10/12

Kinderen van wie de ouders bij elkaar zijn, hebben gemiddeld de beste schoolprestaties. Van gezinnen die niet intact zijn, presteren de kinderen uit co-oudergezinnen op school het best. De minst goede schoolprestaties worden opgetekend bij kinderen uit eenoudergezinnen. Dat schrijven scheidingsdeskundige Ed Spruijt van de Universiteit Utrecht en filosofe Corrie Haverkort in hun boek "Kinderen uit nieuwe gezinnen".

In het boek wordt gebruikgemaakt van statistische gegevens van Spruijts onderzoek "Scholieren en Gezinnen 2011". Gedurende vijf jaar (van 2006 tot 2011) deden 5.300 scholieren uit het basis- en secundair onderwijs mee aan dit onderzoek. Het onderzoek toont aan dat in een gemiddelde Nederlandse klas van 30 leerlingen minstens zes kinderen zitten die opgroeien in zogenoemde nieuwe gezinnen. Niet alleen de schoolprestaties van kinderen uit deze gezinnen blijven achter, ook het welzijn ligt bij hen lager dan bij kinderen uit intacte gezinnen.

Van alle nieuwe gezinnen komt volgens Spruijt het stiefvadergezin het meest voor in Nederland, een gezinsvorm waarbij het kind woont bij de biologische moeder en haar nieuwe partner. Moeders zijn in elk gezinstype het allerbelangrijkst voor het welbevinden van het kind. Maar de stiefvader blijkt op plaats twee te komen, nog voor de uitwonende biologische vader.

Spruijt merkt ook op dat er tegenwoordig onder laagopgeleiden relatief meer gescheiden wordt dan onder hoogopgeleiden. Dat kan komen doordat hoger opgeleiden beter communiceren, conflicten flexibeler kunnen oplossen en meer ruimte en geld hebben om zich individueel te ontplooien. Bovendien weten ze meer over de nadelige gevolgen van een scheiding voor hun kinderen.

(Bewerkt door: Toon Mast)


Co-ouders ruziën minder dan andere gescheiden ouders
TROUW - Nederland - Marijke de Vries − 31/10/12
Kinderen van gescheiden ouders die afwisselend bij hun vader of moeder wonen, zitten lekkerder in hun vel en halen hogere cijfers op school dan kinderen die na een scheiding bij één van de ouders wonen of in een stiefgezin. Meer lezen


Bij co-ouders komt minder ruzie voor
Volkskrant - Binnenland - ANP - 31/10/12
Kinderen van gescheiden ouders die afwisselend bij hun vader of moeder wonen, zitten lekkerder in hun vel en halen hogere cijfers op school dan kinderen die na een scheiding bij een van de ouders wonen of in een stiefgezin. Meer lezen


Co-ouders doen het goed
Nederlands Dagblad - Gratis Nieuws - 31-10-2012
Kinderen van gescheiden ouders die afwisselend bij vader en moeder wonen, zitten beter in hun vel en presteren beter op school dan kinderen die na een scheiding bij een ouder of in een stiefgezin wonen. Meer lezen


Minder ruzie thuis beter voor toekomst van kind
Nederlands Dagblad - Betaalartikel - 01-11-2012
UTRECHT - Hoe minder er geruzied wordt tussen een vader en een moeder, hoe beter kinderen in hun vel zitten en ook op school beter presteren. Dat is een conclusie uit een groot onderzoek van echtscheidingsdeskundige Ed Spruijt van de Universiteit Utrecht. Meer lezen


Kind uit compleet gezin scoort beste
Reformatorisch Dagblad - Binnenland - Binnenlandredactie - 31-10-2012
UTRECHT – Kinderen uit een normaal tweeoudergezin hebben gemiddeld de beste schoolprestaties. Na een echtscheiding scoren kinderen uit co-oudergezinnen op school het beste. De minst goede schoolprestaties komen voor bij kinderen uit eenoudergezinnen, zo blijkt uit het boek ”Kinderen uit nieuwe gezinnen”, dat woensdag verschijnt. Meer lezen


Intacte gezinnen - betere prestaties
Katholiekgezin.nl; Nieuws; woensdag 31 oktober 2012

zondag, mei 06, 2012

541. Gedeeld ouderschap na scheiding: Analyse van het beschikbare onderzoek naar verblijfsco-ouderschap (Linda Nielsen, 2011)

Shared Parenting After Divorce: A Review of Shared Residential Parenting Research
Source: Linda Nielsen - Journal of Divorce & Remarriage - Volume 52, Issue 8 - pages 586-609 - Available online: 18 Nov 2011
Gedeeld ouderschap na scheiding: Een analyse en beoordeling van het beschikbare onderzoek naar gedeeld verblijfsco-ouderschap
Bron: Linda Nielsen - Tijdschrift voor Echtscheiding & Hertrouwen - Volume 52, Nummer 8 - Pagina's 586-609 - beschikbaar online: 18 november 2011

ABSTRACT
One of the most complex and compelling issues confronting policymakers, parents, and the family court system is what type of parenting plan is most beneficial for children after their parents' divorce. How much time should children live with each parent? An increasing number of children are living with each parent at least 35% of the time in shared residential parenting families: How are these children and their parents faring? In what ways, if any, do divorced parents who share the residential parenting differ from parents whose children live almost exclusively with their mother? How stable are shared residential parenting plans? By reviewing the existing studies on shared parenting families, these questions are addressed.

GENERAL CONCLUSIONS BY LINDA NIELSEN
Given the growing popularity of shared residential parenting, policymakers and professionals who work in family court, as well as parents, should find the research compelling. As demonstrated in this review, overall these studies have reached four general conclusions.
  1. First and foremost, most of these children fare as well or better than those in maternal residence—especially in terms of the quality and endurance of their relationships with their fathers.
  2. Second, parents do not have to be exceptionally cooperative, without conflict, wealthy, and well educated, or mutually enthusiastic about sharing the residential parenting for the children to benefit.>
  3. Third, young adults who have lived in these families say this arrangement was in their best interest—in contrast to those who lived with their mothers after their parents’ divorce.
  4. And fourth, our country, like most other industrialized countries, is undergoing a shift in custody laws, public opinion, and parents’ decisions—a shift toward more shared residential parenting.
With the research serving to inform us, we can work together more effectively and more knowledgeably to enhance the well-being of children whose parents are no longer living together.

vrijdag, april 13, 2012

536. Ombudsman onderzoekt ondertoezichtstelling bij complexe echtscheidingen

De Nationale Ombudsman, 13 april 2012 

De Nationale ombudsman en de Kinderombudsman onderzoeken de manier waarop Bureaus Jeugdzorg omgaan met de ondertoezichtstellingen. Het gaat hierbij om ondertoezichtstellingen die speciaal zijn gericht op omgangsregelingen bij complexe echtscheidingen. De Nationale ombudsman bundelt klachten die ouders hebben over de uitvoering van de omgangs-ondertoezichtstelling en onderzoekt wat daar mogelijk aan te doen is. Ook de manier waarop Bureau Jeugdzorg het perspectief van het kind meeneemt in de uitvoering, krijgt aandacht in het onderzoek.

Het onderzoek komt voort uit signalen van ouders die zich bij de Nationale ombudsman hebben gemeld. Het gaat daarbij om zaken waarin de verzorgende ouder weigert de omgangsregeling met de niet-verzorgende ouder na te komen. Omdat de verzorgende ouder weigert mee te werken, vraagt de rechter via een ondertoezichtstelling aan Bureau Jeugdzorg de omgang tot stand te brengen. De rechterlijke uitspraken op dit punt kunnen variëren: van de uitspraak waarin de rechter BJZ vraagt te proberen omgang tot stand te brengen tot de uitspraak dat BJZ moet zorgen dat binnen een bepaalde tijd een specifieke omgangsregeling tot stand komt. Maar als ouders niet meewerken, wordt het voor BJZ moeilijk om iets te bereiken.

Ondanks deze rechterlijke uitspraken komt het geregeld voor dat een ouder uiteindelijk het contact verliest met de kinderen. En zo ontstaat er bij de ouders een gevoel van onrechtvaardigheid. Naar verwachting is het onderzoek in de zomer van 2012 afgerond.
Bent u journalist dan kunt u voor meer informatie contact opnemen met: Erna van Eerden (070) 356 36 37 of Yara Backx (070) 356 35 22.

Heeft u vragen over het onderzoek, dan kunt u een e-mail sturen naar omgangs-ots@nationaleombudsman.nl

Trefwoorden: BJZ, Bureau Jeugdzorg, Nationale Ombudsman, Ondertoezichtstelling, onderzoek, OTS, Omgangs-ondertoezichtstelling, Omgangs-OTS, 

donderdag, mei 27, 2010

331. Gezocht voor onderzoek: gescheiden vaders die ervaring hebben met het ouderschapsplan

HERHAALDE OPROEP

Assen, 27 mei 2010

Gezocht voor onderzoek: gescheiden vaders die ervaring hebben met het ouderschapsplan

Enova, onderdeel van STAMM CMO* zoekt gescheiden vaders voor onderzoek. Vanaf 1 maart 2009 zijn ouders verplicht om een ouderschapsplan op te stellen wanneer zij willen scheiden. In dit ouderschapsplan wordt gestreefd naar een gelijkwaardig ouderschap. In het ouderschapsplan staan afspraken over hoe ouders na de scheiding de zorg- en opvoedingstaken verdelen en de informatie-uitwisseling regelen.

Enova onderzoekt of het ouderschapsplan bijdraagt aan een verbeterde positie van gescheiden vaders. De nadruk komt te liggen op de situatie van de vader, omdat uit eerder onderzoek van Enova is gebleken dat de vader in de meeste gevallen de ouder is die zijn kind(eren) tot zijn spijt minder vaak gaat zien na een scheiding.

Om deze reden zijn wij op zoek naar vaders die na 1 maart 2009 zijn gescheiden en daardoor te maken hebben gehad met het opstellen van een ouderschapsplan. Wij stellen het zeer op prijs als u mee wilt werken aan dit onderzoek. Uiteraard is uw privacy bij deelname aan het onderzoek gewaarborgd. Wilt u meewerken aan dit onderzoek, stuur dan voor 15 juni 2010 een e-mail naar: cjonathans @ stamm . nl

*Voor meer informatie over Enova zie: www.stamm.nl

Gerelateerde artikelen:

woensdag, mei 19, 2010

324. Gezocht voor onderzoek: gescheiden vaders die ervaring hebben met het - sinds 1 maart 2009 ingevoerde - ouderschapsplan

Samenvatting

Het Drentse Emancipatiebureau Enova doet in samenwerking met Carmen Jonathans, student pedagogiek aan de Rijksuniversiteit Groningen, een vervolgonderzoek naar de positie van vaders na scheiding. Dit vervolgonderzoek richt zich met name op de beantwoording van de vraag in hoeverre de invoering van het ouderschapsplan op 1 maart 2009 ook heeft bijgedragen aan een verbeterde positie van gescheiden vaders.

Oproep
Gescheiden vaders, die na 1 maart 2009 zijn gescheiden en daardoor te maken hebben gehad met het opstellen van een ouderschapsplan, worden daarbij opgeroepen om hieraan hun medewerking te verlenen. Zij kunnen zich vòòr 1 juli a.s. aanmelden bij Carmen Jonathans op het volgende emailadres: cjonathans @ stamm . nl

Peter Tromp
Vaderkenniscentrum
vaderkenniscentrum @ gmail . com

-----------------------------------------------------------------------------

PERSBERICHT VAN ENOVA
Assen, 19 mei 2010

Gezocht voor onderzoek: gescheiden vaders die ervaring hebben met het ouderschapsplan


Enova* zoekt gescheiden vaders voor onderzoek. Vanaf 1 maart 2009 zijn ouders verplicht om een ouderschapsplan op te stellen wanneer zij willen scheiden. In dit ouderschapsplan wordt gestreefd naar een gelijkwaardig ouderschap. In het ouderschapsplan staan afspraken over hoe ouders na de scheiding de zorg- en opvoedingstaken verdelen en de informatie-uitwisseling regelen.

Enova onderzoekt of het ouderschapsplan bijdraagt aan een verbeterde positie van gescheiden vaders. De nadruk komt te liggen op de situatie van de vader, omdat uit eerder onderzoek van Enova is gebleken dat de vader in de meeste gevallen de ouder is die zijn kind(eren) tot zijn spijt minder vaak gaat zien na een scheiding. Om deze reden zijn wij op zoek naar vaders die na 1 maart 2009 zijn gescheiden en daardoor te maken hebben gehad met het opstellen van een ouderschapsplan. Wij stellen het zeer op prijs als u mee wilt werken aan dit onderzoek. Uiteraard is uw privacy bij deelname aan het onderzoek gewaarborgd. Wilt u meewerken aan dit onderzoek, stuur dan voor 1 juli 2010 een e-mail naar: cjonathans @ stamm . nl
-----------------------------------------------------------------------------

Het ouderschapsplan

Bron: Enova, Emancipatie Bureau Drenthe, Nieuws, 19-05-2010

Onderzoek met RuG naar effect ouderschapsplan op positie gescheiden vaders.

Op 1 maart 2009 is de ‘Wet bevordering voortgezet ouderschap en zorgvuldige scheiding’ in werking getreden. Deze wet stelt scheidende ouders vanaf 1 maart 2009 verplicht om een ouderschapsplan op te stellen. Met deze wet wordt gestreefd naar een gelijkwaardig ouderschap na een scheiding: beide ouders hebben gelijke rechten en plichten met betrekking tot de opvoeding en verzorging van hun kinderen. Enova gaat in samenwerking met de Rijksuniversiteit Groningen onderzoeken of deze wet een gunstig effect heeft op de positie van de vader na scheiding.

In 2009 genereerde Enova landelijke persaandacht met een publicatie in de Volkskrant over de resultaten van het onderzoek naar gescheiden vaders: ‘Vaderschap doet ertoe.’ Uit dit onderzoek bleek dat gescheiden vaders, vaak tot grote frustratie, in een marginale positie verkeren ten opzichte van moeders, als verzorger en opvoeder van de kinderen. Moeder bepaalt meestal hoe de rol en positie van de vader vorm krijgt, ook al is er volgens de wet sprake van een gelijkwaardige positie. Zij wordt hierin gesteund door dominante opvattingen in de samenleving en jurisprudentie die in haar voordeel uitpakt, zo blijkt uit het onderzoek.

Naar aanleiding van deze resultaten zal nu onderzocht worden of het ouderschapsplan een gunstige bijdrage levert aan gelijkwaardig ouderschap. Hoe komt het opstellen van het ouderschapsplan tot stand? Hebben beide ouders evenveel invloed op de afspraken over verdeling van zorg, of is het nog steeds de moeder die de grootste stem mag hebben? Het onderzoek wordt uitgevoerd door Carmen Jonathans, student pedagogiek aan de RuG. Via de nieuwsbrief en de website zullen wij u in de nazomer informeren over de resultaten.

dinsdag, maart 23, 2010

314. Inschrijving gesloten: Gescheiden vaders voor onderzoek (Opvoedpoli van de Universiteit van Amsterdam)

Inschrijving gesloten

Inmiddels is de inschrijving voor onderstaand onderzoek naar 'Gescheiden vaders en de behoefte aan (opvoedings-)ondersteuning' gesloten. Zie het bericht hieronder van onderzoekster Suzan van Dijk:

Begin maart heeft Vaderkenniscentrum een oproep tot deelname aan het onderzoek naar 'Gescheiden vaders en de behoefte aan (opvoedings-)ondersteuning' geplaatst. Hier ben ik erg dankbaar voor aangezien ik hele goede reacties van zo'n 20 vaders heb mogen ontvangen.Ik heb nu in totaal genoeg vragenlijsten om te beginnen met het analyseren van de data. U kunt de oproep van uw website verwijderen. Eind juni 2010 zal ik mijn scriptie afronden en het Vaderkenniscentrum (en alle vaders die hebben deelgenomen) een digitale versie toesturen. Nogmaals hartelijk dank en met vriendelijke groet,

Suzan van Dijk
Onderzoekster
Universiteit van Amsterdam

Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen
Onderwijsinstituut voor Pedagogische- en Onderwijskundige Wetenschappen

Gescheiden vaders in de schijnwerpers !
Onderzoek naar gescheiden vaders en de behoefte aan (opvoedings-)ondersteuning

Vaders spelen een uitermate belangrijke rol binnen de opvoeding. Ook vaders kunnen behoefte hebben aan ondersteuning bij de opvoeding, voor henzelf of voor de situatie waarin zij opvoeden. Dit onderzoek wordt uitgevoerd vanuit de Universiteit van Amsterdam, in opdracht van de Opvoedpoli.

Klik op de afbeelding voor vergrote weergave !

Doel van het onderzoek

Het doel van het onderzoek is om na te gaan of gescheiden vaders behoefte hebben aan (opvoedings-)ondersteuning.

Onderzoeksgroep vaders met een kind tussen de 0-12 jaar oud
  • Gescheiden vaders
  • Vaders die in scheiding liggen
  • Vaders die een samenlevingscontract hebben verbroken
  • Vaders die ongehuwd hebben samengewoond

donderdag, juli 10, 2008

200. Vaders gezocht voor onderzoek: Vaderschap doet er toe!

Enova emancipatie adviesbureau Drenthe zoekt vaders voor onderzoek.
Enova - Emancipatie Adviesbureau Drenthe - Nieuws - 25-06-2008

In samenwerking met de Rijksuniversiteit Groningen doet Enova onderzoek naar de positie van gescheiden vaders na (echt)scheiding en de invloed hiervan op de kinderen. Onder scheiden wordt ook verstaan het uit elkaar gaan na geregistreerd partnerschap of samenwonen.

Scheiden is een ingrijpende verandering in iemands leven, zeker als er kinderen bij betrokken zijn. Over de positie van alleenstaande moeders is veel meer bekend dan over de positie van alleenstaande vaders. Omdat moeders automatisch ouderlijk gezag krijgen, meer zorg voor de kinderen op zich nemen en minder werken, komen ze nogal eens sterker uit de (echtscheiding-)strijd, vooral als het gaat om de relatie tot de kinderen.

We zoeken daarom vaders die met ons willen terugblikken op de gevolgen van de scheiding voor hemzelf en voor de omgang met hun kinderen, vooral als dit voor problemen zorgt of heeft gezorgd.

Wilt u meedoen aan dit onderzoek, neem dan snel contact op met Enova.
Tel: 0592 – 316865
E-mail: mailto:info@enova-ebd.nl
Corry van de Ven

Deelname aan dit vaderonderzoek wordt van harte aanbevolen door het Vaderkenniscentrum!